Radio-interview Nooit meer slapen

 

clouds-cloudy-daylight-1725330.jpg
Photo by Brett Sayles from Pexels

 

Ik was te gast bij het radioprogramma Nooit meer slapen om te vertellen over mijn nieuwe roman De maan danst op het erf van de doden. Je kunt hier het item terug luisteren.

Ik vertel ook over het nummer Water van PJ Harvey, de film Meek’s Cutoff van regisseuse Kelly Reichardt en de boeken Things We Left Unsaid en The Space Between Us van de Armeens-Iraanse schrijver Zoya Pirzad.

Recensie De Groene Amsterdammer

Kees ’t Hart: ‘Bremmer […] schreef een gewaagde, pakkende roman. […] een grote emotionele kracht […]  Ze is op haar sterkst als ze kijkt en kijkt, nog preciezer, als ze alles wil laten zien van dichtbij, ze graaft en graaft en legt precies dan haar sterkste getuigenis af. […] Hoogtepunt van de roman is de beschrijving van de laatste dagen van Federico García Lorca […] En juist dan, in de beschrijving hoe het mogelijkerwijs was, in de dialogen met ouders, vrienden, bewakers, in de onzekerheid bij Lorca, komt de gruwel boven drijven.’ De Groene Amsterdammer, 24 april 2019

IMG_20190411_154351

Madrid, Spanje, december 1934

Federico haastte zich langs de smalle trap naar beneden, greep zich aan de trapleuning vast, struikelde omdat de laatste trede eerder kwam dan hij verwachtte en hij zwaaide de deur van Margarita’s kleedkamer open zonder eerst te kloppen. ‘Mijn hart, Mago, hij springt straks nog uit mijn borst!’

Ze keek hem aan, loensend met haar rechteroog, haar prachtige lippen in een glimlach gebogen. ‘En wat doe je dan? Dan ren je meteen achter hem aan!’ Ze stond op.‘Is het tijd?’

Federico knikte.

‘Kom hier.’ Ze trok hem naar zich toe, nam zijn hoofd in haar handen. ‘Alles komt goed. Ze zullen er weg van zijn. Ze zullen weg zijn van jou!’

Ze liepen naar het podium, hand in hand, en Margarita liep het podium op, liet Federico in de coulissen achter. Ze ging zitten in de schommelstoel, verplaatste het borduurraam aan haar voeten, liet haar hoofd rusten in haar hand. Ze sloot haar ogen en het blauwe theaterlicht gaf haar gezicht een dromerige gloed.

De maan danst op het erf van de doden (verwacht in de herfst van 2018)

LiteNatuur, drie fragmenten

Het thema van de Boekenweek is Natuur. In mijn boeken is de natuur nooit ver weg.

Eb, hoofdstuk 20. Strandgaper

“Geeske wordt opgeschrikt door een schaduw die over haar arm glijdt. Een wolk trekt voor de zon, ontneemt ze even het licht, om dan weer voort te gaan. Vanuit het noordwesten komen er nog meer wolken aan. De blauwe hemel vertoont steeds meer wit. Ze kijkt naar de haartjes op haar arm die omhoog worden geblazen door de wind. Een paar lepelaars trekt met uitgestrekte nekken voorbij. Het is tijd om naar huis te gaan.

Geeske steekt recht door het binnenland, langs de schuren, voorbij de Roomse huisjes, door het hoge gras. Gezientje blijft achter haar. Haar passen zijn nu minder groot en Geeske hoort hoe ze steeds moeizamer ademhaalt. Wanneer ze omkijkt, staat Gezientje stil. Ze torent uit boven het gras. Ze houdt een schelp tegen haar oor, de punt van de noordhoren steekt boven haar vingers uit. Als ze merkt dat Geeske naar haar kijkt, zet ze zich weer in beweging. Geeske gaat verder, maar nu iets langzamer. De kerktoren komt in zicht en dan de omheining van het kerkhof, de kweeperenboom.”

De evolutie van een huwelijk, hoofdstuk 5. Winter

“Toen ze aankwamen waren de bladeren nog groen geweest, sappig door de regen, nu waren ze bruin en begonnen ze al aan de bomen te rotten voordat ze naar beneden vielen. Er waren wel wat droge dagen geweest, maar met zo’n grauwe lucht en zo’n hoge luchtvochtigheidsgraad dat het net zo goed had kunnen regenen. Ze had geen hekel aan de regen, verwelkomde het vaak, maar niet elke en iedere dag dat constante geroffel op het dak, op de stoep, op haar regenjas… Ze ging op haar knieën zitten en duwde met haar handen in de grond, haar armen gleden gemakkelijk tot aan haar ellebogen de aarde in. Het zwarte, vochtige kruim omsloot haar ledematen en ze bleef even zitten, geborgen in de koelte van de grond. Ze snoof de geur op van de omgewoelde aarde, de geur van verwachting, van een nieuw begin.”

De maan danst op het erf van de doden, Madrid, September 1934, Maruca Reyes [PREVIEW]

“In de deuropening stond een vrouw. Kaarsrecht, heel beheerst. Haar zomerjurkje de kleur van de Brugmansia die rondom hun huis in Batavia groeide. Heel even kwam de geur bij haar terug, de bedwelmende zweem die de bloemen verspreidden zodra het donker werd, bungelend, wiegend, steeds wijder en wijder geopend, de lucht een transparante muur van hitte en vocht. Pablo had haar de Engelse naam geleerd, Angel’s Trumpets. De jazzband van de engelen is weer begonnen met spelen, zei hij dan, het is bedtijd. Toen sliepen ze nog in hetzelfde bed. In dezelfde kamer. Ze keek naar hem. Hij keek naar de vrouw.”

ferns.jpg